In de herberg is het erg druk, hij ligt langs een populaire handelsroute en allerhande reizigers proberen op alle tijden van de dag -en de nacht- een slaapplaats te regelen. Aan het einde van de avond, of het begin van de ochtend zoals dat in dit soort plaatsen gaat, rekent de herbergier af bij alle klanten die in de gelagkamer zijn overgebleven. Tot ongenoegen van veel mensen die meer hebben gedronken dan ze zich kunnen veroorloven, wordt een oude man bij het vuur daarbij altijd overgeslagen. Deze avond, zijn het een paar herders die op het dooien van de pas wachten die hun ongenoegen uiten: “Hé herbergier, moet je niet ook eens wat centen van die ouwe knar innen? Hij voert nooit wat uit en zit hier elke avond. Hij moet toch zeker ook dokken?” -”Die ouwe knar brengt mij nog altijd meer op dan hij me kost, zuipschuit. Als je morgenavond misschien niet zo diep in die pul zit moet je maar eens rond dat vuur komen kijken.” De volgende avond bleek de oude man kort na het avondmaal al een paar aanhoorders verzameld te hebben. Hij vertelde een verhaal over donkere bossen, vreemde metgezellen en boze krachten. Al snel gingen de twee herders bij het publiek zitten. Dit is wat ze hoorden.
Meest recente berichten
Recente reacties
| Konvikt op Harakov’s Droom | |
| orichimaru op Harakov’s Droom | |
| Pieter op Nedregaard Keep | |
| wijker op Nedregaard Keep | |
| Pieter op De oude man bij het vuur |

2 reacties
Feed met reacties voor dit artikel
april 20, 2009 bij 9:15 am
meloch
Ehm… Misschien is dit een onverwachte vraag maar…. Wat hoorden ze?
april 21, 2009 bij 11:01 am
Pieter
Oh, ja ik zal eens verder gaan.